Tom Hughes (1923-2014)

28 april 2014, Harry Lintsen

Op 3 februari overleed Tom Hughes in Charlottesville (Virginia, USA) op negentigjarige leeftijd. Tom was een van de bekendste techniekhistorici van de afgelopen decennia. Opmerkelijk is de invloed, die hij heeft gehad op de Nederlandse techniekgeschiedenis. Hij droeg bij aan de doorbraak van Social Construction of Technology (SCOT), waarvan Wiebe Bijker de basis legde. Hij deed mee aan de workshops die vorm gaven aan de serie over de techniek in Nederland in de twintigste eeuw. Zijn thema’s werden opgepakt door Nederlandse onderzoekers, waaronder Erik van der Vleuten, zoals het thema van het grootschalig technologisch systeem.

Ik ontmoette Tom voor de eerste keer op de ‘Sociology of technology workshop’ aan de Universiteit Twente in 1984, georganiseerd door Wiebe Bijker en Trevor Pinch. Het waren  zinderende dagen. Er stond iets totaal nieuws te gebeuren. Wetenschapssociologen, technieksociologen en techniekhistorici bogen zich over een geheel nieuwe benadering van technologische ontwikkelingen. In de techniekgeschiedenis was een internalistische benadering altijd dominant geweest. Een nieuwe generatie techniekhistorici zocht naar een methode om de relatie tussen techniek en samenleving op een zinvolle manier te onderzoeken. Een adequate theorie liet echter op zich wachten.

De workshop was een ontmoeting van drie nieuwe benaderingen: social construction of technology (Wiebe en Trevor), large-technological systems (Tom) en actor-network theory (Michel Callon en Bruno Latour). Een belangrijk uitgangspunt was de stelling dat een onderscheid tussen techniek en samenleving problematisch is. De twee zijn naadloos met elkaar verweven. De gepresenteerde methodes maakten het mogelijk om die verwevenheid op een zinvolle manier te analyseren. Op basis van de workshop verscheen het boek The social construction of technological systems. New directions in the sociology and history of technology (Cambridge 1987). Het heeft voor techniekhistorici de status van de Bijbel. Voor MIT Press was het een van de dertig meest invloedrijke boeken ooit door haar uitgegeven. De redacteuren van het boek waren Wiebe, Trevor en Tom.

Tom was een bijzondere verschijning op de workshop. Weliswaar was hij de belangrijkste techniekhistoricus op de bijeenkomst, maar het ontbrak hem aan iedere vorm van sterallure. Hij sprak met zachte en rustige stem. Zijn commentaar op papers toonde altijd respect naar de auteurs. Het betoog was vaak licht humoristisch. Hij sprak met een twinkeling in zijn ogen.

Bijzonder was ook dat hij vergezeld werd door Agatha, zijn vrouw. Zij bleek hem veelal op zijn reizen te vergezellen. De aanwezigheid van het echtpaar gaf de workshop ook iets gemoedelijks, iets familiairs. Zij was net als Tom uiterst beminnelijk en nieuwsgierig. Zij nam aan alle sessies deel.

Tom en Agatha waren zeer toegankelijk. Ook dat was bijzonder. Een groot aantal deelnemers was net afgestudeerd of  gepromoveerd. Wie naar de foto van de workshop kijkt ziet een verzameling jongelui en daartussen een glimlachende Agatha en een serieus kijkende Tom, beiden in de zestig. In mijn herinnering is Tom veel jonger, bijna een van ons. Je voelde je bij hem op je gemak. Hij was altijd geïnteresseerd in je onderzoek en vroeg geregeld naar je privé leven.

Veel later nodigde Tom mij uit om een jaar naar de University of Pennsylvania in Philadelphia te komen, waar hij hoogleraar was. Een geweldige ervaring voor Margareth en mij. Ook daar waren Tom en Agatha regelmatig een innemende gastheer en gastvrouw.

Opmerkelijk is Toms carrière. Hij brak internationaal door met zijn boek Network of Power. Electrification in Western Society, 1880-1930 (Baltimore 1983). Hij was toen zestig jaar. Zijn meest productieve periode ving toen aan. Zijn laatste boek The Human Build World publiceerde hij toen 82 jaar was.

In zijn thema’s toonde hij zich een kind van zijn tijd. Hij kwam in aanraking met de techniekgeschiedenis in de jaren dat een deterministische en pessimistische visie op de techniek zijn opgang deed. De periode 1950-1970 liet de groei van grootschalige systemen en dominante technologieën zien. Het is niet verwonderlijk dat juist deze periode veel stof leverde voor het beeld van de techniek als megamachine. In zijn analyse van grootschalige technische systemen toonde Tom aan hoe weinig deterministisch en hoe sociaal geconstrueerd dergelijke systemen waren.

Tom Hughes was mede oprichter van de Society for the History of Technology (SHOT), aanvankelijk vooral een Amerikaanse, maar inmiddels de belangrijkste internationale professionele vereniging van techniekhistorici. Hij was president van SHOT van 1979 tot 1981. In 1985 werd hem de hoogste prijs toegekend, die een techniekhistoricus kan toevallen, namelijk de Leonardo Da Vinci medaille.


Harry Lintsen

 

Bij het schrijven is gebruik gemaakt van: W.E. Bijker, ‘Good fortune, mirrors, and kisses’, Technology and Culture 54 (2013), nr. 3, 600-618.

Terug..

Reageren

Naam:
Email:
Reactie:

* Alle velden zijn verplicht

Herhaal de letters en cijfers (om automatische berichten te voorkomen)

This form is generated by FormHandler