SHT opent deuren die voor anderen gesloten blijven

24 juli 2014, Ton van Helvoort

 

Unilever Research_blog Ton van Helvoort

Unilever Research Laboratorium (URL) te Vlaardingen in 1964, nu URDV.

 

"Met beide handen de leuningen vasthouden!" Dat was het dringende advies dat ik kreeg van de archiefmedewerkster toen ik de steile trap afdaalde naar de catacomben van de Proeffabriek Wasmiddelen. De pilot plant bevond zich op het binnenterrein van Unilever Research & Development Vlaardingen (URDV). We waren op weg naar het archief van URDV dat op een wat merkwaardige locatie was ondergebracht. In de keldergang stonden verwarmingsmachines te stampen, hier en daar ontsnapte een stroompje warm water en kalkplekken waren er getuige van dat het wel eens kon lekken vanuit de massieve wasmachines die in de fabriekshal erboven stonden. Niet echt de meest geschikte plek om een belangrijk R&D-archief te huisvesten zoals een latere directie ook van mening was.

Even later stond ik in een archiefruimte waar je als techniekhistoricus alleen maar van kunt dromen: meer dan vijf decennia aan laboratoriumrapporten, R&D-beleidsstukken en directieverslagen lagen hier opgeslagen in vele honderden archiefdozen. De opdracht van Unilever Research aan de Stichting Historie der Techniek (SHT) om een vijftal historische cahiers te schrijven had een deur geopend die gewoonlijk voor buitenstaanders gesloten blijft.

Mijn eerste taak was de zeer summiere en verouderde inventaris in groter detail uit te werken en te actualiseren. De laatste tien tot vijftien jaar aan directiearchieven waren netjes in de rekken bijgeplaatst maar zonder inventarisnummers en rubriekbeschrijvingen. Tijdens dat werk kwamen ook de thema's bovendrijven waarover ik samen met mijn SHT-collega's Mila Davids en Harry Lintsen de cahiers zou schrijven: margarines, katalyse, biotechnologie, wasmiddelen en - last but not least - Becel. Nadat de archiefinventaris was gedigitaliseerd was het gemakkelijker om over die onderwerpen het materiaal bij elkaar te zoeken. Daarbij was het vaak zoeken naar een speld in een hooiberg, maar we wisten in ieder geval waar de hooiberg lag en hadden er toegang toe.

In feite waren we net op tijd met ons historisch onderzoek. Veel van de medewerkers van de afdeling Bibliotheek & Informatie van het URDV werkten er al vele jaren en zij waren fantastisch behulpzaam in het opduikelen van archiefstukken uit het grijze circuit. De reguliere laboratoriumrapporten waren allemaal gedigitaliseerd en voor ons toegankelijk. Dat was echter niet het geval met de technische rapporten die de stap representeren van research naar development. Voor ons, Stichting Historie der Techniek, is dat een fase in de innovatieprocessen binnen Unilever waarin wij veel interesse hadden en hebben. De development-aspecten van recente fabrieksprocessen kregen we uiteraard niet te zien, maar de bibliotheekmedewerkers wisten in weer een ander gebouw een kast te staan waarin oude Technical Reports over margarines, katalyse en wasmiddelen stonden. Daar waren ook de dictaten die werden gebruikt om nieuwe Unilever-managers in de jaren vijftig, zestig en zeventig uit de vorige eeuw in te wijden in de finesses van genoemde Unilever-fabrieken.

Het rijke materiaal heeft geleid tot een vijftal cahiers, die binnenkort door de SHT zullen worden gepubliceerd.

In de tussentijd is er veel veranderd op de R&D-locatie van Unilever in Vlaardingen. Omdat men gewoon is geworden dat wetenschappelijke en technische literatuur elektronisch voorhanden is, werd in Vlaardingen de afdeling Bibliotheek & Informatie opgeheven. Een paar medewerkers hebben hun heil elders gezocht of zijn vervroegd gepensioneerd. Het URDV-archief in de catacomben is opgeschoond en wordt zo geconserveerd dat het langdurig kan worden bewaard. Dat bewaren wordt uitbesteed aan een gespecialiseerd bedrijf die over geklimatiseerde opslagruimtes beschikt. De archiefdozen zullen dus weldra niet meer lichtjes ruiken naar wasmiddelen wanneer zij naar die opslag zijn verplaatst. Uiteraard is dat winst. Maar wanneer een Unilever-researcher - of een historisch onderzoeker van de SHT - materiaal uit het verleden wil inzien dan moet betreffende doos worden opgevraagd en daar zijn uiteraard kosten aan verbonden.

Bij de start van het Unilever-SHT-project ging de deur van het archief open en ervoer ik een overweldigend en opgewonden gevoel: honderden dozen van het URDV-archief waren toegankelijk geworden voor een ontdekkingstocht. Enigszins weemoedig stel ik vast dat een volgende generatie historisch onderzoekers het zal moeten doen met ingescande teksten en documenten op een computerscherm en het uit een externe locatie laten overkomen van een archiefdoos. Snel een archiefdoos opentrekken om te kijken of er iets inzit van je historische gading - dat is er in de toekomst niet meer bij.

 

Terug..

Reageren

Naam:
Email:
Reactie:

* Alle velden zijn verplicht

Herhaal de letters en cijfers (om automatische berichten te voorkomen)

This form is generated by FormHandler