Lopende individuele projecten

Geschiedenis Unilever Research & Development Vlaardingen 

Sinds 2006 loopt een onderzoek naar de historische ontwikkeling van Unilever Research en Development Vlaardingen (URDV). Het project gaat in op de rol van URDV bij het tot stand komen van innovaties en ontwikkelingen binnen Unilever; welke interne en externe netwerken hierbij van belang waren en hoe de uitwisseling van kennis tussen URDV en zijn omgeving plaats vond. De onderzoekers analyseren hiertoe een aantal URDV-projecten. Aan bod komt onder andere de geschiedenis van Becel. Dit deelonderzoek zal resulteren in een door dr. Ton van Helvoort samengestelde publicatie.

 

Ontwikkeling Nederlandse polymeerwetenschap van 1945-2010 

Sinds maart 2010 werkt dr. Marijn Hollestelle (SHT) aan een onderzoek naar de ontwikkeling van de Nederlandse polymeerwetenschap van 1945 tot 2010. Hij onderzoekt de rol van kennisproducenten zoals universiteiten, de industrie, TNO en verschillende technologische topinstituten bij het ontstaan van nieuwe wetenschappelijke inzichten en innovaties op het terrein van polymeren. Hoe circuleerde kennis tussen de verschillende partijen? Welke invloed hadden onderlinge contacten? Wie profiteerde van de verworven kennis? Het project wordt mogelijk gemaakt door het Dutch Polymer Institute.

 

Katalyse 

Het kennisnetwerk rondom het katalyseonderzoek in Nederland staat centraal in een in 2010 gestart project. Dit zal resulteren in een boek waarin de historische ontwikkeling van het katalyseonderzoek in een maatschappelijke context wordt geplaatst. Centraal staan de veranderende relaties tussen universiteiten en industrie en keerpunten in de ontwikkeling van zowel het industrieel als het academisch onderzoek in de periode na de Tweede Wereldoorlog. Ook het nut van katalyseonderzoek komt aan bod in twee casussen: één 'succesvolle' en een 'mislukte' innovatie. Het project wordt mogelijk gemaakt door de National Research School Combination-Catalysis. Aan het project werken onder meer Harry Lintsen, Ton van Helvoort en Marijn Hollestelle mee.

 

Geschiedenis TNO 

Binnen de Nederlandse kennisinfrastructuur speelt TNO van oudsher een belangrijke rol. In het kader van het tachtigjarig bestaan van de organisatie in 2012, analyseert de SHT in opdracht van TNO de problemen waarop TNO zich de afgelopen tachtig jaar richtte en de bijdrage die het instituut leverde aan het stimuleren van vernieuwingen. Het project moet ook kennis opleveren die de discussie rondom de toekomstige positionering van TNO voedt.

 

Innovaties bij het Midden- en Kleinbedrijf 

Hoewel het nodige is gepubliceerd over het innovatieve vermogen van de Nederlandse economie, is er weinig bekend over kennisvragen, kennisbronnen en het aanpassingsvermogen van het midden- en kleinbedrijf (MKB). De SHT heeft daarom een voorstel ontwikkeld voor een onderzoek naar het innovatief vermogen van het MKB. Het project wordt mogelijk gemaakt door het Ministerie van Economische Zaken en Syntens. 

  

Geschiedenis van de software in Nederland 

De maatschappij is de afgelopen decennia doordesemd geraakt van software. Iedereen gebruikt het, bewust en onbewust, van treinreizigers en gamers, via tekstverwerkers, e-shoppers, autobestuurders en e-mailers, tot downloaders van muziek en reisplanners.

In opdracht van de Stichting Post-Academisch Onderwijs IT (PAO-IT) doet de SHT sinds de zomer van 2011 onderzoek naar de geschiedenis van de software in Nederland, onder de werktitel “De geest van de computer”.

Lees meer